
Jaimi van Essen: het kan met stikstofbeleid naar échte doelsturing
Landbouw en natuur samen naar resultaat
Van stikstofbeleid naar échte doelsturing
Landbouw en natuur samen naar resultaat
De Nederlandse landbouw staat voor een fundamentele keuze staat. De Kamerbrief van minister Van Essen markeert een belangrijke koerswijziging. Het kabinet wil Nederland weer van het stikstofslot halen door natuurherstel, vergunningverlening, innovatie en toekomstperspectief voor de landbouw met elkaar te verbinden. Daarbij verschuift de aandacht van generieke middelvoorschriften naar meer gebiedsgerichte en bedrijfsspecifieke doelsturing.
Deze ontwikkeling biedt een unieke kans om niet langer uitsluitend te sturen op voorgeschreven technieken of theoretische emissiefactoren, maar op aantoonbaar behaalde resultaten in de praktijk. Dat is waar onze visie op aansluit.
Van middelsturing naar doelsturing
Gedurende vele jaren lag de nadruk binnen het stikstofbeleid vooral op middelsturing. De overheid schreef technieken voor die een bepaalde emissiereductie zouden moeten opleveren. Vergunningen werden grotendeels gebaseerd op emissiefactoren, modelberekeningen en generieke aannames.
Hierdoor ontstond een systeem waarbij een bedrijf soms volledig voldeed aan alle voorschriften, terwijl nauwelijks bekend was hoeveel ammoniak daadwerkelijk werd uitgestoten of welk effect maatregelen daadwerkelijk hadden op de natuur.
Doelsturing draait dit principe om.
Niet de techniek staat centraal, maar het resultaat.
De centrale vragen worden dan:
- Hoeveel stikstof wordt daadwerkelijk uitgestoten?
- Hoeveel stikstofdepositie bereikt Natura 2000 werkelijk?
- Worden de natuurdoelen daadwerkelijk gehaald?
- Welke bedrijven realiseren aantoonbaar de grootste emissiereductie?
Daarmee ontstaat ruimte om ondernemers te belonen die daadwerkelijk presteren, ongeacht welke combinatie van maatregelen zij toepassen.
Bronmaatregelen: stikstofverlies voorkomen in plaats van bestrijden
De infographic laat zien dat de grootste winst niet ontstaat door emissies achteraf af te vangen, maar door stikstofverliezen veel eerder in de kringloop te beperken.
Dat begint bij de bron.
1. Betere eiwitbenutting
Een goed uitgebalanceerd rantsoen zorgt ervoor dat koeien opgenomen eiwit efficiënter benutten voor melkproductie.
Daardoor:
- komt minder stikstof in de mest terecht;
- daalt het ureumgehalte;
- ontstaat minder ammoniak;
- blijft meer stikstof beschikbaar voor productie.
Hiermee wordt stikstofverlies voorkomen voordat emissie überhaupt kan ontstaan.
2. Biologische sturing in de pens
Een gezond pensmicrobioom vormt de motor van de gehele stikstofkringloop.
Door biologische sturing met biostimulanten en optimaal rantsoenmanagement kan:
- de fermentatie efficiënter verlopen;
- de voederconversie verbeteren;
- de vorming van stikstofverliezen afnemen;
- de diergezondheid verbeteren;
- de mestkwaliteit toenemen.
De pens vormt daarmee de eerste biologische schakel in een efficiëntere stikstofkringloop.
3. Biologische sturing van mest
Na uitscheiding stopt de kringloop niet.
Integendeel.
Ook in de mest kunnen microbiologische processen actief worden gestuurd.
Biologische sturing met biostimulanten kan ertoe bijdragen dat:
- stikstof langer organisch wordt vastgelegd;
- microbiële biomassa toeneemt;
- ammoniakvervluchtiging afneemt;
- lachgasvorming mogelijk wordt beperkt;
- geur afneemt;
- de agronomische waarde van mest stijgt.
Mest verandert daarmee van een emissieprobleem naar een biologisch waardevolle grondstof.
Zoals ook in het eerdere kennisdocument is beschreven, wordt mest hierdoor niet langer uitsluitend gezien als afvalproduct, maar als een drager van bodemleven, organische stof, nutriënten en microbiële activiteit.
De levende kringloop
De kern van de D3 Advies-visie is systeemdenken.
Niet één afzonderlijke maatregel bepaalt het succes, maar de samenhang tussen alle schakels.
Voer → Pens → Mest → Bodem → Gewas → Water → Natuur.
Elke schakel beïnvloedt de volgende.
Een betere penswerking leidt tot betere mest.
Betere mest voedt een actiever bodemleven.
Een gezonde bodem bevat meer bacteriën, schimmels, regenwormen en andere bodemorganismen. Hierdoor ontstaan meer organische stof, betere aggregaten, een grotere waterbergingscapaciteit en een hogere biodiversiteit.
De bodem wordt daardoor weerbaarder tegen droogte, hevige neerslag en verdichting.
Het gewas profiteert vervolgens van:
- betere wortelontwikkeling;
- grotere nutriëntenbeschikbaarheid;
- hogere opbrengsten;
- stabielere kwaliteit;
- grotere weerbaarheid.
Ook de waterkwaliteit profiteert doordat minder stikstof en fosfaat uitspoelen naar grond- en oppervlaktewater.
Uiteindelijk profiteert de gehele keten:
voer → dier → mest → bodem → gewas → water → mens → natuur.
Praktijkvoorbeeld: Hendrikus van de Lageweg
Hendrikus laat zien dat doelsturing geen theoretisch concept hoeft te zijn.
Bij melkveehouder Hendrikus van de Lageweg is gedurende meerdere jaren gewerkt met biologische sturing van mest via biostimulant Kopros.
N.B. Kopros = kweek van bacteriën en schimmels
Claims Kopros: Ontwikkelt een positief bodem-microbioom, in de mest. Plantengroei bevorderend; minimale uitspoeling, vocht beter vastgehouden in bodem (EPS), beteree beworteling en optimalisatie plantengroei, hogere opbrengsten en betere kwaliteit (symbiose), inductie van weerbaarheid bij planten, waardoor minder plantenziekten dus minder noodzaak voor pesticiden,versterken immuunsysteem van planteneters.
Praktijkmetingen in de stal lieten een gemeten ammoniakemissiereductie van ruim 60% zien ten opzichte van de uitgangssituatie.
Daarmee behoort Hendrikus tot één van de voorlopers, die laten zien dat substantiële emissiereductie tot meer dan 60% in de praktijk haalbaar kan zijn, wanneer meerdere bronmaatregelen integraal worden toegepast.
Daarnaast werden op landbouwpercelen waar met Kopros behandelde mest werd aangewend duidelijke verschillen waargenomen in de ontwikkeling van:
- maïs;
- voederbieten.
De behandelde percelen lieten een zichtbaar betere gewasontwikkeling zien dan de referentiepercelen zonder behandeling. Deze waarnemingen sluiten aan bij de hypothese dat biologische sturing niet alleen emissies kan reduceren, maar ook de bodemkwaliteit en gewasontwikkeling positief kan beïnvloeden. Binnen SOILCRATES worden deze effecten verder wetenschappelijk gevolgd en gevalideerd.
Biologische sturing betekent méér dan een toevoegmiddel
De infographic maakt duidelijk dat biologische sturing veel verder gaat dan alleen een product toevoegen aan mest.
Het gaat om het integraal sturen van:
- voer;
- diergezondheid;
- pensmicrobioom;
- mestopslag;
- mestkwaliteit;
- bodemleven;
- organische stof;
- waterhuishouding;
- gewasontwikkeling;
- bedrijfsmanagement.
Alleen wanneer deze onderdelen gezamenlijk worden geoptimaliseerd ontstaat een robuuste en duurzame stikstofkringloop.
Meer dan emissiereductie alleen
De voordelen beperken zich daarom niet tot ammoniak.
Een goed functionerend biologisch systeem kan bijdragen aan:
- minder ammoniakemissie;
- minder lachgasvorming;
- mogelijk minder methaanvorming;
- minder stikstofuitspoeling;
- betere waterkwaliteit;
- hogere bodemvruchtbaarheid;
- grotere biodiversiteit;
- hogere gewasopbrengsten;
- betere ruwvoerkwaliteit;
- gezondere dieren;
- een lagere afhankelijkheid van kunstmest.
Daardoor ontstaat niet alleen milieuwinst, maar ook bedrijfseconomische winst.
Doelsturing vraagt ook om anders meten
Wanneer Nederland werkelijk kiest voor doelsturing hoort daar ook een andere manier van beoordelen bij.
Niet uitsluitend:
- emissiefactoren;
- modelberekeningen;
- generieke technieken.
Maar juist:
- continue praktijkmetingen van ammoniakemissie;
- bedrijfsspecifieke stikstofbalansen;
- bodemanalyses;
- waterkwaliteitsmetingen;
- monitoring van organische stof;
- monitoring van microbiologie;
- validatie van gerealiseerde emissiereducties.
Niet het model, maar de werkelijkheid moet leidend worden.
En meten we de natuur ook echt?
De Kamerbrief van minister Van Essen legt terecht veel nadruk op natuurherstel.
Daarmee ontstaat echter een logische vervolgvraag.
Wanneer boeren aantoonbaar emissies reduceren, meten we dan ook objectief of Natura 2000 daadwerkelijk herstelt?
Dat vraagt om monitoring van:
- habitatkwaliteit;
- karakteristieke plantensoorten;
- biodiversiteit;
- bodemkwaliteit;
- hydrologie;
- oppervlaktewater;
- insecten;
- vogels;
- ecologische ontwikkeling.
Niet alleen de emissie van de boer zou meetbaar moeten zijn, maar ook het uiteindelijke effect op de natuur. Alleen dan ontstaat echte doelsturing.
Van lineair proxy-denken naar systeemdenken
De kern van de discussie ligt uiteindelijk in de manier waarop we naar stikstof kijken.
De traditionele benadering is lineair:
emissiefactor → model → depositie → vergunning.
De D3 Advies-benadering is integraal:
voer → pens → microbiologie → mest → bodem → gewas → water → natuur.
Niet één schakel bepaalt het resultaat.
De gehele biologische kringloop bepaalt uiteindelijk hoeveel stikstof verloren gaat, hoeveel wordt benut en hoe natuur en landbouw zich ontwikkelen.
Conclusie
De Kamerbrief van minister Van Essen biedt de mogelijkheid om een volgende stap te zetten.
Van middelsturing naar doelsturing.
Van modeldenken naar praktijkmetingen.
Van generieke voorschriften naar bedrijfsspecifiek maatwerk.
Van sturen op proxies naar sturen op aantoonbare resultaten.
De praktijkervaringen bij koplopers zoals Hendrikus van de Lageweg laten zien dat substantiële emissiereductie en verbetering van bodem en gewas hand in hand kunnen gaan. De verdere wetenschappelijke onderbouwing binnen SOILCRATES moet uitwijzen onder welke omstandigheden deze resultaten reproduceerbaar zijn en op grotere schaal kunnen worden toegepast.
De strategische keuze voor Nederland is daarmee helder:
Blijven we sturen op theoretische modellen en generieke technieken, of kiezen we voor een systeem waarin praktijkmetingen bij de veehouder én objectieve monitoring van natuurwaarden gezamenlijk bepalen of de doelen daadwerkelijk worden bereikt?
D3 Advies kiest voor die laatste benadering: meten, bewijzen en vervolgens belonen. Alleen zo ontstaat een landbouwsysteem waarin natuurherstel, vergunningverlening en economisch perspectief elkaar versterken in plaats van tegenwerken.
#Microbioom #Mest #Biostimulanten #Landbouw #Bodemgezondheid #Veehouderij #Stikstof #Emissiereductie #Microbiologie #DuurzameLandbouw #Kringlooplandbouw #Jaimi van Essen
D3 Advies 🌐 www.d3-advies.nl 📧 info@d3-advies.nl📞 +31 6 (0) 225 38 992📍 Leeuwarden, Fryslân, Nederland